De
zeven golflengte-gebieden die de Landsat kan meten met behulp
van de zeven filters worden spectrale banden
genoemd. Het is namelijk niet alleen licht van precies 660 nm
(voor rood bijvoorbeeld) dat doorgelaten
wordt, maar een gebiedje van bijvoorbeeld 630 – 690 nm.
Dit zijn dus alle kleuren die of rood
zijn of er sterk op lijken.
De
banden van de landsat satelliet zijn heel precies gekozen. Iedere
band heeft een specifieke toepassing voor onderzoek van de aarde.
Zo is band 4 de infrarood band die gevoelig is voor plantengroei,
band 5 geeft duidelijke verschillen te zien tussen wolken en
sneeuw, en is gevoelig voor vochtgehaltes van grond, band 6
is goed voor onderzoek van de warmtehuishouding van de aarde,
en band 7 maakt onderscheid in soorten gesteente.